Projectontwikkelaar moet gebouw weer afbreken ondanks vergunning

vergunning-verleend-artikel

Projectontwikkelaar moet gebouw weer afbreken ondanks vergunning

Buren. Geen populaire groep voor projectontwikkelaars die na een duur en tijdrovend traject om een vergunning te krijgen, vaak nog een juridisch traject moeten doorlopen om hun vergunning te kunnen behouden als buren bezwaar maken. Als de bezwaarmakers bakzeil halen bij de hoogste rechter kan de vlag uit. Nu wil ik die pret niet drukken, maar ook daarna zijn er nog juridische risico’s.

Recent heeft een rechter een projectontwikkelaar gedwongen zijn opgeleverde nieuwbouwcomplex van drie verdiepingen weer helemaal af te breken. Opvallend in deze zaak was dat tegen de vergunning geen bezwaren door omwonenden waren gemaakt. Daarmee wordt een vergunning wat wij juristen noemen “rechtens onaantastbaar” of “onherroepelijk”. Pas na de realisatie van het complex kwamen de buren voor het eerst in verzet.

‘Ontwikkelperceel blijkt luchtkasteel’

Nu had deze projectontwikkelaar het ook wel heel bont gemaakt. Het omvangrijke gebouw onthield de buren van zon- en daglicht en uitzicht. De blinde muur vormde volgens de rechter een troosteloos uitzicht voor de buurt. Hij erkende het beklemmende gevoel daarbij. Al met al in de ogen van de rechter redenen genoeg om de eis tot afbraak toe te wijzen.

Wat is hiervan nu de les? Dat je als projectontwikkelaar al bij de tekentafel rekening houdt met de buren en het burenrecht. Die natuurlijke neiging is er niet. Als projectontwikkelaar wil je vooral geen slapende honden wakker maken met een bouwplan dat niet in goede aarde zal vallen. Maar het doorlopen van een procedure tegen de vergunning is nog altijd goedkoper dan de afbraak van nieuwbouw en herinvestering van een (gewijzigd) nieuw bouwplan. En dan begint het circus weer opnieuw als je pech hebt. Want al heb je Simson’s krachten en Salamon’s gewin, dan nog kun je niet bouwen naar een ieder zijn zin.

Door: Judith Woolderink, advocaat bij De Kempenaer Advocaten